Op 7 november 2012 werd in Veldhoven een regionale bijeenkomst gehouden onder de titel 'Ouder-babytherapie en gehechtheid'. Mw. M. van Kuijk, Klinisch psycholoog/psychotherapeut bij Ouder-Baby-Centrum Tilburg, hield een theoretisch gedegen onderbouwde en met praktijkervaringen geïllustreerde lezing met interessante video-opnames, die laten zien hoe de theorie in de praktijk toegepast wordt. Constance Meeks maakte onderstaand verslag van deze bijeenkomst. 

De opbouw van de lezing:
• Mevrouw van Kuijk bespreekt theorie met betrekking tot de hechting, hechtingsstijlen en de behandeling ervan.
• Er worden video-opnames getoond, inhoudelijk aansluitend op de theorie
• Nabespreking van de video’s is grondig en de werkwijze wordt uitgelegd
• Integratie van de conclusies in de theorie

Het kunnen hechten aan andere mensen en het goed kunnen onderhouden van een relatie met belangrijke andere mensen is belangrijk. Dit kan bemoeilijkt worden. Meerdere wetenschappers hebben theorieën ontwikkeld over de ontwikkeling van het kind en hoe die ondersteund zou kunnen worden. Mevrouw van Kuijk ondersteunt ouders en hun jonge kinderen en baby’s. Er wordt zoveel mogelijk met ouders en het kind samengewerkt, vanuit de visie dat de band (hechting) tussen ouders en hun baby/peuter centraal staat. De ouder-kind relatie is startpunt en focus van diagnostiek en behandeling, waarbij de hulpvraag en visie van ouders de leidraad vormt. Dit hangt samen met het gedachtegoed van Infant Mental Health. De hechting en relatie tussen ouders en hun (ongeboren) kind staat centraal.

‘Infant’ staat voor kinderen van 0 tot en met 3 jaar,
‘Mental’ staat voor de sociale, emotionele, en cognitieve ontwikkeling
‘Health’ staat voor het welzijn van het kind in relatie tot zijn ouders.
Vanuit deze visie zijn er verschillende behandelmogelijkheden. De ontwikkeling van kinderen van nul tot en met drie jaar gaat snel. Als er op 1 gebied een verstoring optreedt, dan heeft deze gevolgen voor andere ontwikkelingsgebieden. Snelle begeleiding in deze levensfase is belangrijk. Zowel om de ontwikkeling van het kind in goede banen te leiden als om ouders (weer) vertrouwen te geven in het ouderschap.

Infant mental health richt zich op:
• zwangere vrouwen en hun partners;
• ouders met baby’s en peuters in de leeftijd van 0 maanden tot en met 3 jaar.

Hoe kan de gehechtheid van ouder en kind zich manifesteren?
Soorten gehechtheid ouder/kind: 

ouder kind
veilig gehecht veilig gehecht
gereserveerd vermijdend
gepreoccupeerd ambivalent
gedesorganiseerd/onverwerkt gedesorganiseerd/gedesoriënteerd

Er wordt gesproken over wetenschappers die zich daarin verdiept hebben en video-opnames worden getoond. Bijvoorbeeld het  Strange Situation-experiment, ontworpen door Mary Ainsworth.

Ainsworth heeft een methode ontwikkeld om de baby- ouderrelatie te onderzoeken. Hieruit komen drie gehechtheidspatronen van 1 jarige baby’s naar voren:
1. Veilige gehechtheid. Onmiddellijke geruststelling bij hereniging met de moeder. Goede balans tussen zoeken van nabijheid en exploreren van de omgeving. Veilige gehechtheid vloeit voort uit wederkerig afgestemde communicatie: “Ik kan voelen wat jij voelt en ik reageer op wat jij nodig hebt”
2. Vermijdende gehechtheid. De baby’s blijven uiterlijk onbewogen doorgaan met exploreren zowel bij vertrek als terugkeer van hun moeder. Bij moeders van vermijdende baby’s is vastgesteld dat zij thuis gehechtheidsgedrag afwijzen dan wel ontwijken.
3. Ambivalente gehechtheid. Gekenmerkt door het stoppen van exploratie en heftige emotionele reactie op separatie. Daarnaast ook een inadequate reactie op hereniging. De ambivalentie zit hem hierin dat er van de ene kant een preoccupatie op de fysieke aanwezigheid van moeder wordt waargenomen, maar bij hereniging of vermindering van de fysieke afstand treedt ook weerstand op.  Ambivalente baby’s uiten in versterkte mate hun hechtingsbehoefte, maar doen dit ongeacht de hulp die moeder biedt, een hulp die kennelijk niet geheel voldoet. Bij moeders van ambivalente baby’s is vastgesteld dat zij thuis onvoorspelbaar en of inadequaat emotioneel beschikbaar waren.
Boos en passief type: 
* Bij hereniging van het boze type worden actieve pogingen tot contact en uitingen van boze afwijzing gezien.
* Bij hereniging van het passieve type worden opvallend vage en onuitgesproken pogingen gezien om zich te laten troosten.
4. Gedesorganiseerde gehechtheid. Mary Main voegt een categorie toe.

Er is verwezen naar een video op You tube waarop te zien is hoe een moeder haar baby slaat.
Wat kan er aan de hand zijn? Om daar meer van te weten te komen toont mevrouw van Kuijk
de video van het “Still face experiment” is getoond. Deze geeft een idee hoe belangrijk menselijk contact tussen moeder en kind is. Er wordt o.a. gespiegeld. In het experiment gaat een moeder heel even uit het contact met haar baby en wat volgt is grote verwarring, woede, verdriet en hopeloosheid bij de baby. In het experiment duurt het ‘uit contact zijn’ niet langer dan één minuut, en daarna doet de moeder er alles aan om de baby weer aan te halen en een goed gevoel te geven. Na het bekijken van deze video is duidelijk dat een baby veel tekort komt als een moeder, om welke reden dan ook, niet echt aanwezig is of kan zijn. Maar ook hoe snel de baby weer gewoon reageert als moeder het contact met de baby herstelt.

Nabespreking van de video’s
Eerst wordt de video getoond zonder becommentariëring en daarna wordt deze nog een keer getoond en wordt nadere informatie verstrekt.
Een van de methodes die gebruikt worden, is de Watch, Wait and Wonder methode. Met behulp (van video-opnamen) van een spelsituatie tussen ouders en hun baby/peuter wordt geprobeerd om het gedrag van de baby/peuter beter te begrijpen. Samen met ouders worden de video-opnames teruggekeken. De ouders krijgen hulp om de signalen van hun baby beter te leren herkennen en te ‘lezen’. Ouders wordt gevraagd te kijken (Watch), te wachten met onmiddellijk reageren (Wait) en zich af te vragen wat het gedrag van hun kind kan betekenen en hoe ze daarop kunnen reageren (Wonder).

Om een indruk te krijgen van deze vorm van therapie, heb ik me ingeschreven voor de lezing ‘ouder-baby therapie en gehechtheid’. Deze wordt aangeboden vanuit de Vereniging voor Cliëntgerichte Psychotherapie en Mevrouw M. van Kuijk geeft de lezing. Zij is klinisch psycholoog en psychotherapeut. Ze is ook IMH specialist en heeft een Ouder-Baby-Centrum in Tilburg.  Ik heb uitgelegd dat ik een werkstuk aan het maken ben over kindermishandeling en behandelmogelijkheden. Daarom mocht ik erbij aanwezig zijn.
Tijdens de lezing heeft mevrouw van Kuijk ook videomateriaal laten zien van moeders en baby’s die ze behandelt, al zittend op een mat op de grond.

Overwegingen
Al met al lijkt de behandeling van mevrouw van Kuijk zinvol en heel belangrijk voor de geestelijke gezondheid van moeder en kind.
Het belang van vroegsignalering en aanmelding voor behandeling is voelbaar, maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat een grote groep ouders die kinderen mishandelen dit ‘achter gesloten deuren’ doen en niet gemotiveerd zijn voor hulp. Dit is volgens mij dan weer het gevolg van de hechtingsstoornis, die ervoor zorgt dat er, door een onvoldoende verbondenheid met de ander, ook geen behoefte is aan het zoeken van hulp.

Bijdrage van Constance Meeks
Ik wil de leden van de werkgroep bedanken, omdat ik bij de lezing aanwezig mocht zijn, hoewel ik geen psycholoog ben. Ik heb veel geleerd en gehoord wat ik kan gebruiken voor mijn praktische opdracht maatschappijleer.